Parlementair systeem

Landen die een parlementair systeem handhaven zijn rood gekleurd.
Deel van een serie artikelen over
Kiesstelsel & regering
Een Nederlands stembiljet met rood stempotlood
Een Nederlands stembiljet met rood stempotlood
Kiessysteem

Evenredige vertegenwoordiging · Meerderheidsstelsel · Gemengd kiesstelsel · Positief en negatief parlementarisme

Verkiezing

Kiesraad · Partijlijstenstelsel · Kandidatenlijst · Stembiljet · Open lijst · Gesloten lijst · Hybride lijst · Gerangschikt stemmen · Vervroegde verkiezing

Zetelverdeling

Grootste overschotten & gemiddelden · D'Hondt & Sainte-Laguë · Nationaal kiesdistrict · Kies- en Fractiedrempel · Kiesdeler · Restzetel

Districtenstelsel

Enkelvoudig & Meervoudig Kiesdistrict · Districtszetel · Overhangzetel · Vereffeningszetel · Dubbelevenredigheid · Nationale kieslijst

Parlement

Lid · Onafhankelijken · Partij · Lijstverbinding · (Gemengde) Fractie · Alliantie · Coalitie · Regering · Minderheidskabinet · Oppositie

Politieke cultuur

Centrumpolitiek · Consensusdemocratie · Cordon sanitaire · Penduledemocratie · Blokpolitiek · Waaierdemocratie · Tangdemocratie

Electorale hervorming

Democratie-index: Economist & V-Dem · Quotumregel · Evenredigheid · Gallagher-index · Verspilde stem · Spoilereffect · Versplintering

Portaal  Portaalicoon   Politiek

Een parlementair systeem of parlementair stelsel is een regeringsvorm waarbij de uitvoerende macht verantwoording schuldig is aan het parlement. Het parlement kan een regering installeren, controleren en, indien nodig, ten val brengen. Het parlementaire systeem wordt onderscheiden van het presidentieel systeem, waar de uitvoerende macht onafhankelijk van het parlement functioneert.

Parlementarisme kan grofweg worden onderverdeeld in negatief en positief parlementarisme, waarbij beide systemen een unieke dynamiek creëren in het formatieproces en het functioneren van regering en oppositie.[1] Negatief parlementarisme bevordert doorgaans een politieke cultuur van blokpolitiek en flexibele meerderheden, vaak resulterend in minderheidskabinetten. Positief parlementarisme daarentegen stimuleert centrumpolitiek en vaste meerderheidskabinetten, doordat expliciete steun van een parlementaire meerderheid vereist is.[2]

Staatsvormen

Landen met een parlementarisme kunnen zowel een constitutionele monarchie als een republiek zijn, men spreekt dan ook wel van een parlementaire monarchie en een parlementaire republiek. Onder het parlementaire systeem ontleent de uitvoerende macht (de regering) haar mandaat aan het vertrouwen van het parlement. Meestal bestaat er een volledige scheiding tussen het staatshoofd (president of monarch) en de regeringsleider (premier), die verantwoording aflegt aan het parlement.

In een land met een parlementair systeem wordt de regeringsleider in het algemeen niet direct door het volk verkozen, wat hem immers een direct mandaat en dus meer macht zou opleveren. In landen waar dat wel gebeurt, zoals de Verenigde Staten, heeft men een presidentieel systeem. Wanneer aspecten van het parlementair en het presidentieel systeem worden gecombineerd, spreekt men van een semi-presidentieel systeem. In landen met een presidentieel systeem is de scheiding der machten vaak sterker dan in landen met een parlementair systeem: de president is er geen verantwoording schuldig aan de wetgevende macht, terwijl andersom de president de wetgevende macht niet kan ontbinden.

Parlementarisme

Parlementarisme kent een spectrum van negatief tot positief, waarbij geen enkel land volledig aan een van de uitersten voldoet. De meeste democratieën combineren elementen van beide vormen, afhankelijk van hun institutionele tradities, politieke cultuur en grondwettelijke regels. De tabel hieronder schetst de belangrijkste basiskenmerken van beide systemen, met daarbij enkele voorbeeldlanden.

Basiskenmerken van negatief en positief parlementarisme
Kenmerk Negatief parlementarisme Positief parlementarisme
Installatie regering Geen expliciete stemming nodig, tenzij aangevraagd door de regering. Expliciete parlementaire goedkeuring vereist.
Val van de regering Actieve meerderheid nodig om een kabinet weg te stemmen. Kabinet valt zodra het de actieve steun van de meerderheid verliest.
Voorbeeldlanden Denemarken, Zweden en Noorwegen Duitsland, België en (bepaalde elementen in) Nederland.

Negatief parlementarisme

Negatief parlementarisme is een systeem waarbij een regering kan functioneren zonder dat expliciete goedkeuring van het parlement nodig is. Zolang er geen meerderheid is die zich tegen de regering uitspreekt heeft een regering vertrouwen. Dit model kent snelle regeringsformaties en een grotere kans op minderheidskabinetten.[3]

Formatie en installatie van de regering

In tegenstelling tot positief parlementarisme hoeft een nieuwe regering geen vertrouwensstemming te winnen. Er is dus geen expliciete goedkeuring nodig. Dit betekent dat een regering kan worden geïnstalleerd zolang een meerderheid van het parlement zich niet actief tegen de installatie verzet. Dit leidt tot relatief snelle formatieprocessen. Partijen hoeven minder uitgebreide coalitieakkoorden te sluiten wat het mogelijk maakt om in korte tijd een nieuwe regering te vormen.

Val van de regering

Een regering blijft aan zolang er geen meerderheid is die een motie van wantrouwen indient en aanneemt. Omdat er een actieve meerderheid vereist is, heeft de oppositie een actieve rol. Het is aan hen om een coalitie te smeden om de regering weg te stemmen. Dit maakt het moeilijker voor de oppositie om een regering te laten vallen, tenzij deze goed georganiseerd is.

Blokpolitiek

Kabinetten hebben kunnen beleid maken met wisselende ad-hoc meerderheden, zonder gebonden te zijn aan een vaste coalitie. Om stabiliteit te creëren werken regeringen vaak met gedoogsteun uit het parlement, waardoor er duidelijke blokken van partijen ontstaan. Steunpartijen functioneren als parlementaire basis voor regeringspartijen om het eigen blok te steunen bij cruciale stemmingen. Dit vormt onderdeel van de blokpolitiek die kenmerkend is voor Scandinavische landen.

Positief parlementarisme

Positief parlementarisme vereist dat een nieuwe regering expliciet goedkeuring krijgt van een parlementaire meerderheid voordat deze aan de slag kan. Omdat regeringen bij hun installatie expliciet parlementaire steun nodig hebben, ontstaan er vaak meerderheidskabinetten. Het model legt de nadruk op interne samenhang en stabiliteit van regeringscoalities omdat het succes van een regering afhangt van de regeringscoalitie zelf.

Formatie en installatie van de regering

Een regering kan alleen geïnstalleerd worden nadat deze door het parlement is goedgekeurd. Dit vindt vaak plaats via een vertrouwensstemming. Het formatieproces duurt hierbij doorgaans vrij lang, omdat partijen vooraf tot overeenstemming moeten komen over een regeerakkoord en zelf een stabiele meerderheid moeten vormen.

Val van de regering

Een regering valt wanneer zij de steun van een meerderheid in het parlement verliest, bijvoorbeeld door een mislukte vertrouwensstemming of doordat interne conflicten binnen de coalitie de meerderheid doen verdampen. De oppositie heeft minder grip op de val van een regering, omdat de focus ligt op het behouden van interne steun binnen de coalitie.

Centrumpolitiek

Het model bevordert centrumpolitiek omdat er een brede meerderheid nodig is om een regeringen te vormen en te handhaven. Een voorbeeld van positief parlementarisme is Nederland. Hoewel er in Nederland geen stemming nodig is bij installatie, is er wel sprake van een sterke norm die voorschrijft dat een kabinet ondersteund moeten worden door een meerderheid in het parlement.[4]

Politieke cultuur

Negatief parlementarisme wordt gekenmerkt door flexibele en dynamische politiek, waar regeringen zonder expliciete stemming geïnstalleerd kunnen worden en oppositie een actieve rol speelt bij het aansturen van beleid. Positief parlementarisme daarentegen legt nadruk op stabiele meerderheidskabinetten en expliciete parlementaire steun, wat leidt tot een politiek klimaat van centrumpolitiek.

Kenmerk Negatief parlementarisme Positief parlementarisme
Formatieproces Snel en pragmatisch, zonder strikte eisen aan parlementaire meerderheden. Langdurig, met nadruk op brede coalitievorming.
Regeerakkoord Akkoorden op hoofdlijnen, met ruimte voor flexibiliteit. Gedetailleerde akkoorden die beleid voor de hele regeerperiode vastleggen.
Dominante kabinetsoort Minderheidskabinetten zijn gangbaar. Meerderheidskabinetten zijn de norm.
Regeringscultuur Blokpolitiek: samenwerking binnen ideologische blokken. Centrumpolitiek: compromissen binnen brede middencoalities.
Oppositiestrategie Gekenmerkt door constructieve samenwerking. Gekenmerkt door beperkte beleidsbeïnvloeding en het uitbuiten van interne verdeeldheid in de coalitie.
Verkiezingsstrategie oppositie Oppositiepartijen presenteren zich samen als alternatief voor de huidige regering. Door verdeeldheid proberen oppositiepartijen vooral individueel te scoren.
Politieke dynamiek Wisselende ad-hoc-meerderheden mogelijk per beleidsonderwerp. Gericht op behoud van interne coalitie-eenheid.
Beleidsvernieuwing Innovatief beleid mogelijk omdat elke meerderheid kan worden benut. Beleid is meer behoudend en gericht op coalitiecompromissen.
Democratische representatie Brede inclusie omdat alle partijen nodig zijn voor meerderheden. Minder representatief vanwege focus op coalitiebelangen.
Politiek conflict Actieve rol voor oppositie in beleid en toezicht. Conflict wordt vooral binnen de coalitie opgelost.
Debat in de Kamer Levendige debatten omdat alle partijen serieuze invloed kunnen uitoefenen. Veelal symbolische debatten waarin de regering het eigen coalitiebeleid verdedigt.
Omgang met polarisatie Getemperd door inclusie van uiteenlopende partijen in besluitvorming. Polarisatie kan toenemen door uitsluiting van flankpartijen.
Gevolg voor verkiezingen Duidelijke keuzes en alternatieven door herkenbare blokken. Onduidelijke keuzes door versnippering en gebrek aan scherpe tegenstellingen.

Nederland en België

Nederland en België hebben op nationaal en gewestelijk niveau een parlementair systeem. Een van de belangrijkste gebeurtenissen in de vorming van het Nederlandse parlementaire systeem was de Luxemburgse kwestie. Op het niveau van de Nederlandse Provinciale Staten en gemeenteraden heerst een minder parlementair systeem. Weliswaar kunnen staten of raden het vertrouwen opzeggen in respectievelijk de gedeputeerde staten en college van B en W, maar de mogelijkheid van deze organen om ontbinding van staten of raad aan te vragen ontbreekt.

Referenties

  1. (en) Louwerse, Tom (2024). Investiture and Removal of Governments: ‘Positive’ and ‘Negative’ Parliamentarism. Springer Nature Switzerland, Cham, 17–37. ISBN 978-3-031-69347-2.
  2. NWS, VRT, Smörrebrod-democratie - Jan Van de Poel. vrtnws.be (28 februari 2014). Geraadpleegd op 5 januari 2025.
  3. Ramkema, Harm, Staten en kiesstelsels: Denemarken. ProDemos (2 januari 2024). Geraadpleegd op 5 januari 2025.
  4. (en) Louwerse, Tom, Unpacking ‘positive’ and ‘negative’ parliamentarism. The Evolution of Parliamentarism and Its Political Consequences.. Trinity College Dublin (10 april 2014). Geraadpleegd op 4 januari 2025.